toen mijn baas maanden niet tegen me praatte

Er waren tijden, en dan spreek ik over maanden tot een half jaar, dat mijn baas niet tegen mij praatte. Hij gaf mijn werk aan mijn directe collega. Terwijl ik erbij zat.

En ik? Ik dreigde af te stevenen op een burn-out. D

Dit is het verhaal van hoe ik leerde mezelf te valideren. En hoe ik ontdekte dat soms de beste dingen ontstaan als niemand erom vraagt.

De situatie

Ik werkte als management assistente in de staalwereld. Voor een narcistische baas (al wist ik dat toen nog niet). Ik was zijn rechterhand. En alles, letterlijk alles, moest via hem.

Tot hij stopte met tegen me praten. Maanden. Soms een half jaar. Hij gaf opdrachten via mijn collega. Alsof ik er niet was. En ik? Ik voelde me overbodig, gefrustreerd, en ik verveelde me dood.

Want ik kreeg wel betaald. Maar ik deed niks. Ik voelde me nutteloos.

 

De wake-up call

Ik was eerder in mijn leven overspannen geweest. En dit gevoel leek erop. Dus voordat het te laat was, besloot ik met de arbodienst te gaan praten. Zoals ik dat destijds ook had gedaan.

Die arts had me toen toestemming gegeven om te rusten. Om minder perfectionistisch te zijn. Om te kijken wat ik anders wilde. En dat had geholpen. Maar deze keer? Deze keer had ik een ander soort arts.

“Je krijgt toch betaald? Heb je geen goed boek om te lezen? Of een cursus die je op het werk kunt doen?” Ik dacht dat ik van mijn stoel viel.

 

Toen ging ik naar HR

Ik vertelde het verhaal. Zij schrokken. Ze betaalden niet iemand om niks te doen. En er kwamen gesprekken. Maar het werd al snel duidelijk: als ik het niet zou redden met mijn leidinggevende, zou ik aan het kortste eind trekken.

Dus ik had een keuze: weggaan. Of er iets van leren.

Ik koos voor het laatste. Ik ging zelf werk zoeken. Ik ging me nuttig maken. Ik hielp anderen. Ook waar ik dat niet van mijn baas mocht. Want hé, hij praatte toch niet met mij.

En toen kwam er een uitdaging. We werkten in de staalwereld met oude en nieuwe normen voor buizen. Alles moest worden omgezet. Maar er was geen enkel overzicht van wat de oude en wat de nieuwe norm was. En er kwam een overleg daarover.

Iedereen was uitgenodigd. Behalve ik. Want mijn baas vond het niet nodig. Maar een collega belde. “Wil je toch aansluiten? Want volgens mij ben jij hier de belangrijkste schakel? “

Ja. Dat wilde ik wel.

 

Ik kan geen half werk leveren

Ik had een paar dagen tot de bespreking. En ik beet me vast in de stof. Ik maakte een overzicht van alle oude en nieuwe normen. En welke instructies aangepast moesten worden. Want ik kan geen half werk leveren. Het moet af. En het moet goed zijn.

Op de dag van de bespreking werden de problemen en uitdagingen uit de doeken gedaan. En de directeur buizen zei: “Iemand moet dit oppakken. Niemand in de staalwereld is hier nog mee bezig.”

Ik werd zenuwachtiger en zenuwachtiger. Want ik had het al. Maar durfde ik het te laten zien? Mijn baas zei nog: “Ik heb niemand op mijn afdeling die de kwaliteit heeft om dit werk te doen.”

Mijn hartslag schoot omhoog.

 

Het moment

Terwijl iedereen koffie ging pakken, begon ik mijn papieren te verdelen. Netjes gekopieerd voor iedereen. De directeur begon te lezen.

“Ja… ja… wauw! Dit is het! Dit is wat we nodig hebben! Dit zit er allemaal al in! We kunnen hier meteen mee verder. Dankjewel! Echt super.”

De bespreking was klaar.

Maar toen: “Oh Miriam, kun jij nog even met mij meelopen?” vroeg mijn baas. Op zijn kantoor vroeg hij of ik voortaan bij zulke zaken hem op de hoogte wilde houden. Hij wilde natuurlijk niet nog een keer zo’n flater slaan.

Ik zei: “Wanneer jij gewoon met mij praat, zal ik je zeker van tevoren inlichten.”

En daarmee verliet ik zijn kantoor.

 

Wat ik leerde

In die tijd leerde ik mezelf te valideren. Ik hoefde niet te wachten tot iemand me zag. Of me opdracht gaf. Of me toestemming gaf. Ik mocht zelf zien wat er nodig was. En het maken. En nog vaker begon ik dingen te maken die nodig waren zonder dat erom werd gevraagd. Eenvoudig omdat mensen soms nog niet weten dat ze het nodig hebben.

 

En nu?

Dit patroon is gebleven. Ik zie wat er nodig is. En ik maak het. Of het nou een sollicitatieprogramma is voor Marina (terwijl ik zelf nooit solliciteerde).

Of een edelsteen-opstelling met Vanessa. Of een jaar-traject voor coaches. Of een prentenboek voor kinderen.

Ik maak wat ik zie dat nodig is. Ook als niemand erom vraagt. Want soms weten mensen nog niet dat ze het nodig hebben.

Tot het er is.

 

De vraag aan jou

Herken je dit?

Dat je wacht op toestemming? Op opdracht? Op validatie?

Dat je denkt: “Maar wie ben ik om dit te maken als niemand erom vraagt?”

En daarom maak je het niet. En blijf je wachten. Maar wat als je het gewoon maakt? Zonder te wachten tot iemand je toestemming geeft?

Want soms weten mensen nog niet dat ze het nodig hebben.

Tot jij het laat zien.

 

Download “Waarom jouw content niet aankomt” en ontdek waar je wacht op validatie in plaats van jezelf te valideren

Want misschien schrijf je ook vanuit: “Mag ik dit wel zeggen? Wie ben ik om dit te delen?”

In plaats van: “Dit is wat ik zie. En dit is wat je nodig hebt.”

Klein verschil. Enorm verschil in impact.